Het centraal stembureau verdeelt de zetels en restzetels over de partijen aan de hand van de daarop uitgebrachte stemmen. Daarvoor berekent het centraal stembureau de kiesdeler door het totale aantal uitgebrachte geldige stemmen te delen door het aantal statenzetels in de desbetreffende provincie. Het aantal 'volle' zetels dat direct aan een lijst wordt toegekend, is gelijk aan het aantal keren dat de kiesdeler is gehaald.
Zetelverdeling ('volle zetels')
Hieronder wordt stapsgewijs uitgelegd hoe de zetels verdeeld worden na de stemming.
- Het centraal stembureau berekent de stemtotalen van alle deelnemende partijen, voor de partijen (lijsten) en voor de kandidaten.
- Het centraal stembureau berekent de kiesdeler. Dat gebeurt door het totaal aantal geldige stemmen te delen door het aantal zetels. Het resultaat van deze deling wordt de kiesdeler genoemd.
- Het centraal stembureau berekent hoe vaak de partijen de kiesdeler hebben gehaald. Het resultaat van deze deling bepaalt het aantal volle zetels dat partijen krijgen.
- Het centraal stembureau berekent hoeveel zetels er nog over zijn na de verdeling van de ‘volle zetels’. Dit worden restzetels genoemd.
Restzetelverdeling
Hieronder wordt stapsgewijs beschreven hoe restzetels verdeeld worden volgens het systeem van de grootste gemiddelden.
- Eerst wordt voor alle partijen berekend hoeveel stemmen per zetel op een bepaalde partij zouden zijn uitgebracht als die partij één zetel extra zou krijgen. Op de partij uitgebrachte stemmen worden dus gedeeld door het aantal volle zetels plus 1.
- De uitkomsten van deze berekening zijn gemiddelden; zij worden naar grootte gerangschikt.
- De eerste restzetel gaat naar de partij met het grootste gemiddelde. Voor deze partij wordt opnieuw berekend wat het gemiddelde nu is, uitgaande van het aantal volle zetels, de toegewezen restzetel en weer één extra zetel.
- Als er nog een restzetel te verdelen is, wordt deze toegewezen aan de partij met nu het grootste gemiddelde.
- Het centraal stembureau herhaalt zo nodig deze procedure, totdat alle restzetels verdeeld zijn.
Ook partijen die niet de kiesdeler hebben behaald, komen bij de verdeling van de restzetels over de lijsten in aanmerking voor een zetel. Als partijen gelijke aantallen stemmen hebben behaald en er niet voldoende restzetels zijn voor toekenning daarvan aan beide partijen, wordt geloot voor wie de restzetel krijgt.
Zie Kieswet art. P 14.
Bijzondere situaties: volstrekte meerderheid en lijstuitputting
Als een partij meer dan de helft van de stemmen heeft (dus een ‘volstrekte meerderheid’) maar niet meer dan de helft van de zetels, dan krijgt deze een (rest)zetel extra. Heeft een partij niet voldoende kandidaten beschikbaar om de haar toegewezen zetels te bezetten, dan gaan deze 'overtollige' zetels over op andere partijen door toepassing van het systeem van de grootste gemiddelden.