Politieke partijen die onder een partijnaam (aanduiding) willen meedoen aan Provinciale Statenverkiezingen, moeten deze vooraf registreren bij het centraal stembureau van de provincie. Het centraal stembureau beoordeelt of dit registratieverzoek toegewezen wordt.

Het centraal stembureau toetst alleen de partijnaam zelf, niet de doelstelling of de activiteiten van de partij. Hierop geldt één uitzondering. Het centraal stembureau gaat na of sprake is van een politieke groepering. Dit wordt getoetst aan de hand van de statuten en/of de feitelijke activiteiten van de partij.
Beoordeling
Het centraal stembureau wijst in de volgende gevallen een verzoek tot registratie af:
- de partijnaam is in strijd met de openbare orde.
- de naam verwarrend is omdat hij geheel of hoofdzakelijk overeenstemt met een aanduiding die al is geregistreerd in de betreffende gemeente, of met een aanduiding waarvoor al een registratieverzoek is ingediend
- de naam verwarrend is omdat deze geheel of hoofdzakelijk overeenstemt met een partij die al is geregistreerd voor de verkiezingen van Tweede Kamer of de provinciale staten, of als deze geheel of hoofdzakelijk overeenstemt met een naam waarvoor al een registratieverzoek is ingediend
- de naam misleidend is voor de kiezers
- de naam meer dan 35 letters of andere tekens bevat
- de naam geheel of hoofdzakelijk overeenkomt met de naam van een partij die de rechter heeft verboden en ontbonden
- op dezelfde dag wordt bij het centraal stembureau een verzoek ingediend tot registratie van dezelfde of nagenoeg dezelfde aanduiding
Zie Kieswet art. G 3.
Wel of niet voldoende onderscheidend vermogen?
Eén van de criteria bij de beoordeling van een registratieverzoek is dat een naam niet verwarrend is voor de kiezer, doordat deze geheel of gedeeltelijk overeenkomt met een al eerder geregistreerde partijnaam. Of dit het geval is, is soms een lastige afweging. Zie de bijlage onderaan voor meer informatie over relevante bepalingen en jurisprudentie.
Termijn indiening en beoordeling registratieverzoek
Het registratieverzoek moet uiterlijk 42 dagen voor de dag van kandidaatstelling door het centraal stembureau ontvangen zijn. Alleen partijen die hun naam tijdig voor de kandidaatstelling hebben laten registreren, kunnen met deze partijnaam meedoen aan de eerstvolgende Provinciale Statenverkiezingen.
De Kieswet geeft geen termijn waarbinnen het centraal stembureau een besluit moet nemen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht geldt dat binnen een redelijke termijn moet worden beslist. Doorgaans wordt op verzoeken binnen zes weken beslist. In verkiezingstijd gaat dit sneller.
Verbieden politieke partij
Het staat burgers vrij om een politieke partij op te richten. Dit recht is gebaseerd op de grondwettelijke vrijheid van vereniging. Nederland kent geen preventief toezicht op politieke partijen of op wat zij zeggen.
Alleen de rechtbank kan, op verzoek van het Openbaar Ministerie, bepalen of een vereniging verboden moet worden. Volgens het Burgerlijk Wetboek kan de rechter een rechtspersoon ontbinden waarvan de werkzaamheid of het doel in strijd is met de openbare orde.
Wijziging naam politieke partij
Soms wil een partij van naam veranderen. De partij moet dan een schriftelijk wijzigingsverzoek indienen bij het centraal stembureau. Dit moeten ze op tijd doen, namelijk 42 dagen voor de dag van kandidaatstelling. Het centraal stembureau beoordeelt dat verzoek op dezelfde manier als een gewoon registratieverzoek. De partij hoeft echter geen waarborgsom te betalen.
Het is raadzaam dat de politieke partij een recent uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel meestuurt. Op basis daarvan kan het centraal stembureau vaststellen of het verzoek tot wijziging is ingediend door het daartoe bevoegde bestuur van de politieke partij.
Beroep tegen goedkeuring of weigering partijnamen
Belanghebbenden kunnen rechtstreeks in beroep gaan tegen de goedkeuring of afwijzing van een registratieverzoek. Het beroepschrift moet in tweevoud worden ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroepschrift moet uiterlijk zes dagen na publicatie van het besluit van het centraal stembureau in de provinciaal blad worden ingediend.