Hertelling en herstemming

Na waterschapsverkiezingen zijn er twee instanties die de bevoegdheid hebben om eventueel te besluiten tot een hertelling: het centraal stembureau en het gehele zittende algemeen bestuur van het waterschap. Anders dan het centraal stembureau kan het gehele algemeen bestuur eventueel ook besluiten tot een herstemming.

Beeld: Kiesraad

Het centraal stembureau kan in de openbare zitting waarin het de officiële verkiezingsuitslag bekendmaakt, besluiten tot een hertelling. Dit is alleen mogelijk als er een ernstig vermoeden bestaat dat door een of meer stembureaus bij het tellen van de stemmen fouten zijn gemaakt die van invloed kunnen zijn op de zetelverdeling. Een hertelling kan voor één, meerdere of zelfs alle stembureaus binnen het waterschap plaatsvinden. Zie Kieswet art. P 21.

Uitvoering hertelling

Een eventuele hertelling vindt niet plaats bij het centraal stembureau, maar bij de gemeente(n) zelf. Als een hertelling in één of meer stembureaus moet plaatsvinden, ontvangt de burgemeester daarvan onmiddellijk bericht nadat duidelijk is geworden dat er een noodzaak is tot een hertelling. Voor het uitvoeren van de hertelling benoemt de burgemeester een gemeentelijk stembureau, dat namens de instantie die tot de hertelling opdracht heeft gegeven (het centraal stembureau) toezicht houdt op de uitvoering van de hertelling.

Geloofsbrievenonderzoek

In het kader van het geloofsbrievenonderzoek kan ook het gehele zittende algemeen bestuur (inclusief geborgde categorieën in het bestuur) van een waterschap besluiten tot een hertelling. Zij kunnen dit, net als het centraal stembureau, doen als ze een ernstig vermoeden hebben dat bij het tellen van de stemmen fouten zijn gemaakt die van invloed kunnen zijn op de zetelverdeling. Maar het kan ook om andere redenen, bijvoorbeeld omdat het vermoeden bestaat dat het centraal stembureau een fout heeft gemaakt in de vaststelling van de uitslag. De hertelling vindt plaats onder verantwoordelijkheid van het algemeen bestuur, maar verder is de procedure grotendeels hetzelfde als na een besluit van het centraal stembureau om stemmen te hertellen.

Eindoordeel

Het gehele algemeen bestuur heeft, kortom, een ruimere bevoegdheid om te besluiten tot een hertelling dan het centraal stembureau. De reden daarvoor is dat het vertegenwoordigend orgaan het eindoordeel heeft over een verkiezing als geheel. In veel andere landen is dit eindoordeel in handen gelegd van een onafhankelijke rechterlijke instantie. In Nederland beoordeelt het vertegenwoordigend orgaan of het centraal stembureau de uitslag goed heeft vastgesteld en op basis daarvan de juiste kandidaten benoemd heeft verklaard. De gedachte hierachter is dat er ook controle nodig is op een onafhankelijk orgaan als het centraal stembureau en dat het vertegenwoordigend orgaan – aan de hand van formele criteria – zelf bepaalt wie het als lid toelaat.

Herstemming

Een herstemming is zeldzaam. In geval van een herstemming wordt namelijk een nieuwe verkiezing georganiseerd. Deze herstemming kan beperkt blijven tot één of enkele stembureaus. Alleen het gehele algemeen bestuur kan een stemming ongeldig verklaren en tot een herstemming besluiten. Dit kunnen ze doen in het kader van het geloofsbrievenonderzoek. Zie Kieswet art. V 4 en art. V 6. Het ontbreken van een kandidaat op een stembiljet kan een reden zijn voor een herstemming.

Onherroepelijke uitslag

De verkiezingsuitslag is onherroepelijk nadat het gehele zittende algemeen bestuur (inclusief geborgde categorieën in het bestuur) de nieuwe leden heeft toegelaten. Er kan in Nederland geen beroep bij een rechter worden ingesteld tegen de vaststelling van de uitslag.