Niet voor iedereen is het even makkelijk om te stemmen. Fysieke beperkingen, analfabetisme of wilsonbekwaamheid kunnen daarbij een rol spelen.

Beeld: Kiesraad
Volgens de Kieswet is het verlenen van hulp bij stemmen alleen toegestaan op grond van een lichamelijke beperking. Als een kiezer vanwege een lichamelijke handicap hulp nodig heeft bij het stemmen, kan hij hulp krijgen van een door hemzelf aangewezen persoon of van een lid van het stembureau.
Zie Kieswet art. J 28.
Hulp aan kiezers met een verstandelijke beperking
Hulp aan kiezers met een verstandelijke beperking is niet toegestaan. Als personen met een verstandelijke beperking niet zonder hulp kunnen stemmen, gaat de wetgever ervan uit dat zij niet zelfstandig hun wil kunnen bepalen. Deze zelfstandigheid is een uitgangspunt van het kiesrecht.
Volmacht verlenen als kiezer niet in staat is te tekenen
Als een kiesgerechtigde niet in staat is om zelf een handtekening te zetten om een volmacht te verlenen, kan hij of zij toch een ander machtigen om bij volmacht te stemmen. In dat geval moet op het identiteitsbewijs de opmerking 'niet in staat tot tekenen' staan.
Het formulier hoeft dan niet door de volmachtgever getekend te worden. Het uitbrengen van de stem kan in zo’n geval via een schriftelijke of een onderhandse volmacht.
Wetsvoorstel Hulp in het stemhokje
Donderdag 2 juli 2026 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel aangenomen dat regelt dat alle kiezers, als ze daarom vragen, hulp kunnen krijgen van een stembureaulid bij het uitbrengen van hun stem. Het moet nog worden behandeld door de Eerste Kamer, maar zal naar verwachting per 1 januari 2027 in werking treden.