Kiesdrempel, kiesdeler en voorkeurdrempel

Als politieke partijen minimaal een vastgesteld percentage van de stemmen moeten halen om een zetel te bemachtigen, dan spreekt men van een kiesdrempel. De kiesdrempel staat dus voor het minimum aantal stemmen dat nodig is voor het behalen van één zetel. Met een kiesdrempel wordt geprobeerd versplintering van het parlement, met veel kleine partijen, te voorkomen.

Veel landen kennen een kiesdrempel. Zo moeten partijen in Duitsland 5% van de stemmen halen tenzij zij in ten minste 3 kiesdistricten een zogenoemd “Direktmandat” winnen. In Turkije is dit percentage zelfs 10%. Nederland kent formeel geen kiesdrempel. Wel komt een partij bij Europees parlementsverkiezingen pas in aanmerking voor een zetel als het de kiesdeler heeft behaald. De kiesdeler is het aantal stemmen dat een partij moet behalen om in aanmerking te komen voor één zetel. Zie Kieswet art. P 5.

Voorkeurdrempel

Na de verdeling van zetels over de partijen, stelt de Kiesraad vast welke kandidaten zijn gekozen. Zetels worden in eerste instantie toegekend aan kandidaten die met voldoende voorkeurstemmen zijn gekozen. In dat geval moet de kandidaat wel de voorkeurdrempel hebben gehaald. De voorkeurdrempel voor de Europees Parlementsverkiezing is 10% van de kiesdeler.