Nederland is voor verkiezingen om praktische redenen opgedeeld in kieskringen.
In Nederland bestaat sinds 1917 een kiesstelsel van evenredige vertegenwoordiging. Dit houdt in dat het aantal zetels dat aan een partij wordt toegewezen een getrouwe (evenredige) weerspiegeling is van het aantal stemmen op die partij. Een partij die tien procent van de stemmen behaalt, krijgt daadwerkelijk tien procent van het aantal zetels.
Wel is Nederland voor de Tweede Kamerverkiezingen om praktische redenen opgesplitst in negentien kieskringen. In de Kieswet is vastgelegd uit welke gemeenten een kieskring bestaat (zie Kieswet artikel E1).
Dankzij deze indeling kunnen politieke partijen in deze gebieden met verschillende kandidatenlijsten uitkomen. Hierop kunnen kandidaten staan die in een bepaalde kieskring bekendheid genieten.
Voor het bepalen van de verkiezingsuitslag worden alle stemmen die in verschillende kieskringen op een politieke partij zijn uitgebracht, bij elkaar op geteld.
Provinciale staten: de indeling van kieskringen komt hier grotendeels overeen met de kieskringen voor de Tweede Kamer. Een enkele keer gebruikt een provincie een afwijkende indeling. 
Hier vindt u de 19 kieskringen van Nederland.