Advies, 22 januari 2008
Om verschillende redenen kunnen kiezers moeite hebben met het uitbrengen van hun stem middels een stembiljet of stemmachine. In de Kieswet is geregeld dat een kiezer met een lichamelijke beperking hulp kan krijgen bij het uitbrengen van zijn stem van een stembureaulid of iemand die hij zelf aanwijst.
Als het gaat om het verlenen van bijstand aan mensen met een verstandelijke beperking, (functioneel) analfabeten en mensen die de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheersen, wordt geadviseerd de Kieswet op dit punt niet te wijzigen. De Raad vindt dat voor alle kiezers het uitgangspunt gehandhaafd moet worden dat zij zelfstandig in staat moeten zijn om hun wil te bepalen: kunnen zij dat niet, dan worden zij niet geacht het kiesrecht uit te oefenen.
De Kiesraad vindt het gevaar van ongewenste beïnvloeding bij het wèl toestaan van hulp van kiezers bovendien zwaar wegen.
Problemen worden voorzien als het stembureau ter plaatse moet beoordelen of iemand wel of niet in staat is om zelfstandig zijn wil te bepalen en of hulp in het stemhokje is toegestaan.
Voor deze groepen kiezers blijft de mogelijkheid bestaan om bij volmacht te stemmen.
Het is wenselijk dat er in de toekomst in iedere gemeente tenminste één stemlokaal komt met een stemmachine met een audiofunctie, zodat bijvoorbeeld analfabeten wel zelfstandig kunnen stemmen.
Tenslotte is gekeken naar de vraag of ieder stembureaulid (gevraagd) bijstand mag verlenen, ook als hij tevens kandidaat is bij de verkiezingen. De Kiesraad adviseert gemeenten om bij de benoeming van stembureauleden rekening te houden met het belang van neutrale en objectieve stembureauleden. De Kiesraad zal de praktijk op dit punt de komende jaren nauwlettend volgen en evalueren.